Als zelfstandig videomaker maak je verhalen op beeld, van zakelijke producties tot documentaires en merkcampagnes. Je combineert filmen met uitgebreid montagewerk, vaak in een compacte eenmansproductie zonder groot team. Sjouwen van apparatuur, lange shootdagen en intensief editwerk achter het scherm zijn de meest concrete risico’s. Als zzp’er is er geen vangnet als je uitvalt.
Risicoklasse en premie voor videomakers
Videomakers worden ingedeeld in risicoklasse 2. Onderstaande indicatieve premies gelden voor een 35-jarige videomaker met een dagbedrag van €80 netto, tot 67 jaar.
| Dekking | Wachttijd | Indicatieve maandpremie |
|---|---|---|
| €2.400/mnd tot 67 jaar | 30 dagen | €150 – €233 |
| €2.400/mnd tot 67 jaar | 90 dagen | €100 – €167 |
| €2.400/mnd tot 67 jaar | 365 dagen | €54 – €100 |
Na belastingaftrek liggen de netto lasten 30 tot 40 procent lager.
Wat verzekeraars beoordelen bij een videomaker
Rug- en schouderklachten: sjouwen van camera- en lichtapparatuur belast rug en schouders.
RSI en polsklachten: langdurig montagewerk achter meerdere beeldschermen is een erkend risico.
Psychische voorgeschiedenis: burn-out of overspanning worden standaard uitgevraagd bij de acceptatie.
Verzuimhistorie: langdurig ziekteverzuim in de afgelopen vijf jaar wordt meegewogen.
Eerder afgewezen of een voorgeschiedenis?
Een uitsluitingsclausule zorgt voor tijdelijke uitsluiting van een specifiek risico, terwijl al het overige gedekt blijft. Via een specialist weet je welke andere verzekeraars nog openstaan voor jouw situatie. Voor starters vanuit loondienst is een vangnet-AOV vaak een optie zonder uitgebreide medische selectie. Een afwijzing bij één verzekeraar wordt niet geregistreerd in het CIS. Bekijk ook de beslisboom AOV afgewezen.
Wat uitval als videomaker werkelijk kost
Een zelfstandig videomaker verdient gemiddeld €2.500 tot €5.000 per maand bruto. Bij drie maanden uitval loop je €7.500 tot €15.000 mis zonder vangnet.
Videomaker versus regisseur
Een videomaker en een regisseur werken beiden aan visuele producties, maar een videomaker voert doorgaans zelfstandig filmen en monteren uit binnen een compacte, vaak eenmansproductie, terwijl een regisseur de eindverantwoordelijkheid draagt over een groter team en een complete productie aanstuurt. De combinatie van fysiek filmen en uren montagewerk geeft videomakers een bredere fysieke belasting dan de meer aansturende rol van een regisseur.
Een concreet werkscenario
Een zelfstandig videomaker filmt een bedrijfsdocumentaire op locatie en verwerkt de beelden vervolgens dagenlang in de montagesoftware. Na jaren van deze combinatie van sjouwen en beeldschermwerk ontstaat een chronische polsklacht in combinatie met schouderklachten. Herstel duurt weken, terwijl klanten op de eindmontage wachten.
Basis- versus uitgebreide dekking
Een basisdekking keert uit bij volledige arbeidsongeschiktheid. Een uitgebreide dekking keert ook uit bij gedeeltelijke uitval, bijvoorbeeld wanneer je door schouderklachten wel kunt monteren maar niet meer zelf kunt filmen. Voor videomakers is dit vaak een waardevolle aanvulling.
Meerdere opdrachtgevers combineren
Werk je voor bedrijven, non-profits en particuliere klanten tegelijk? Meld dit bij de aanvraag, zodat de dekking aansluit op je volledige inkomen.
Voorkomen is beter dan genezen
Ergonomisch tillen, lichtgewicht apparatuur waar mogelijk en een ergonomische montageplek verkleinen het risico op rug-, schouder- en polsklachten. Toch blijft een AOV nodig als vangnet.
Fiscale aspecten
Voor zzp’ers is de AOV-premie doorgaans fiscaal aftrekbaar in box 1, terwijl een uitkering bij arbeidsongeschiktheid belast is als inkomen. Laat dit doorrekenen in je eigen situatie, bijvoorbeeld samen met je boekhouder.
Waarde van onafhankelijk advies
Verzekeraars beoordelen apparatuurgewicht, montage-uren en type producties bij videomakers allemaal net iets anders. Een onafhankelijk adviseur kent deze verschillen en weet welke verzekeraar in jouw specifieke situatie, bijvoorbeeld met veel zakelijke video’s of documentaires, de beste voorwaarden biedt.
Veelgestelde vragen over AOV voor videomakers
Wat kost een AOV voor een zelfstandig videomaker?
De premie ligt indicatief tussen €54 en €233 per maand, afhankelijk van de gewenste wachttijd. Bij 90 dagen wachttijd ligt de premie doorgaans tussen €100 en €167 per maand.
Waarom vallen videomakers in risicoklasse 2?
Het werk combineert sjouwen van apparatuur met overwegend zittend montagewerk, zonder zware fysieke belasting. Dit plaatst het beroep in een gunstige risicoklasse.
Kan een videomaker een AOV krijgen na schouderklachten?
Vaak wel, eventueel via een uitsluitingsclausule of een andere verzekeraar. Een afwijzing bij één verzekeraar sluit andere opties niet automatisch uit.
Wordt een afwijzing als videomaker geregistreerd?
Nee, een medische afwijzing wordt niet geregistreerd in het CIS. Dat register is uitsluitend bedoeld voor fraude, contractbreuk en schadehistorie.
Hoeveel verdient een zelfstandig videomaker gemiddeld?
Een zelfstandig videomaker verdient gemiddeld €2.500 tot €5.000 per maand bruto. Dit inkomen valt weg bij langdurige arbeidsongeschiktheid zonder aanvullende verzekering.
Persoonlijk advies nodig?
Norbert Bakker is AOV-specialist met ruim 30 jaar ervaring en AFM-geregistreerd adviseur onder nummer AFM 12050390. Hij beoordeelt jouw situatie als videomaker tijdens een gratis kansanalyse.
Bovenstaande informatie is indicatief en gebaseerd op gangbare marktpraktijk. Premies en acceptatievoorwaarden verschillen per verzekeraar en zijn afhankelijk van jouw persoonlijke situatie. De kansanalyse is gratis; het adviestraject is een betaalde dienst.
Bekijk ook: AOV voor creatieve beroepen · Alle beroepen · Beslisboom AOV afgewezen